Over ons

Na wat omzwervingen van een textielfabriek via een vleeswarenfabriek, een groothandel in stalen buizen, vrachtautowielen en aanhangwagenkoppelingen ben ik terecht gekomen bij een grote beleggingsmaatschappij. Dat was in de tijd dat er één rekenmachine, een Olivetti, op de afdeling stond en de rest van het rekenwerk op de rekenliniaal werd gedaan. En om half vijf in de middag belden we naar het Amsterdamse kantoor van een Amerikaanse broker om de opening van New York te horen. Voor de rest ging de koersinformatie telefonisch en de volgende dag in de krant.

Een van de taken die mij toebedeeld werden was het dagelijks berekenen van de intrinsieke waarde van het aandeel. Deze waarde was de basis voor het afgeven van een bied- en laatkoers aan de beurs.

We hadden daar een heel simpele manier van werken voor en konden die waarde gedurende ruim een week doen op één A4-tje. Dan werd de berekening van die waarde twee keer per maand gecontroleerd door de boekhouding, die van elk belang bepaalde wat de waarde was door het aantal aandelen maal de beurskoers maal de valutakoers te berekenen. Het verschil was steeds centenwerk. En dat verschilletje verrekenden we met de liquiditeit.

Maar het gebeurde een keer dat één van de directeuren die mijn voorstel voor bied- en laatkoers moesten goedkeuren zei:

Kolkman, dit kan niet goed zijn. Ga maar overrekenen.

Ja maar, was mijn commentaar, daar is helemaal geen tijd voor. Over tien minuten gaat de beurs open en moet onze indicatie daar zijn. Ga nou maar !!, drong de directeur aan.

Dus ik terug en niet om over te gaan rekenen, maar om er achter te komen waardoor ik zo uitkwam en de directeur een andere schatting maakte.

Ik wist dat hij altijd naar de Dow Jones keek, maar onze portefeuille veel meer overeenkomsten had met de Standard & Poor’s. Daarom keek ik wat het verschil in performance in die ene dag was. Het bleek dat daar een behoorlijk verschil in zat, waarmee al bijna de helft van het verschil in de uitkomst verklaard was.

Verder keek hij altijd erg naar de Duitse index, die weinig veranderd was. Maar we hadden een groot belang in Siemens die mooi gestegen was. Ook daar werd een deel van het verschil mee verklaard. Iets dergelijks was er in Japan. Met die feiten ben ik terug gegaan naar die directeur en heb ik uitgelegd wat ik gevonden had. Met die verklaring was hij tevreden en kon de indicatie naar de beurs.

Daarna heeft die directeur nooit meer gezegd: Dat kan niet waar zijn. Maar wel: Ik kan me nauwelijks voorstellen dat dit goed kan zijn. Daarom heb ik voortaan voor elke regel in de calculatie aangegeven wat het verschil was met de vorige dag.

Aanvankelijk was het een heel eenvoudig rekensommetje, maar in een later stadium kregen we te maken met fluctuerende valutakoersen en valutatermijntransacties. En dat moest allemaal vóór tien uur klaar zijn, maar het lukte.

Inside information

De hele top van Control Data, een grote Amerikaanse elektronica-gigant, had aandelen in het bedrijf en de koers stond op 24 dollar. Zij zagen dat er een slechte periode aankwam en dat de winst behoorlijk zou dalen. Zij hebben derhalve besloten om afscheid te nemen van hun aandelen en ze vonden dat ze geluk hadden, want ze konden hun aandelen kwijt tegen oplopende koersen. Toen ze verlost waren van hun belang in de eigen onderneming stond de koers op 39 dollar. Maar toen ze een jaar later nog eens naar de koers keken was die gestegen tot 140 dollar.

Wat was het geval ?

De belegger in het algemeen had over dat dal van slechte resultaten heen gekeken en voorzag een heel mooi herstel.

Hefboomproducten

We hebben ook nog een periode gehad dat de Japanse beurs het heel goed deed en er vele hefboomproducten werden geïntroduceerd in de vorm van warrantleningen. Deze zijn vergelijkbaar met een converteerbare obligatielening, maar waarbij het converteerbare deel en de lening werden  gescheiden. Daar was Japan echter niet uniek in. In Nederland en Duitsland waren diverse ondernemingen daarmee ook actief. Zo had bij voorbeeld Nationale-Nederlanden een heel mooie warrant, met uitgiftejaar 1976 en een looptijd van 12 jaar.

Daarom heb ik iets opgezet om de relatieve aantrekkelijkheid van diverse warrants te bekijken. Daaruit is uiteindelijk de WARRANT-KRONIEK uit ontstaan, die ik jarenlang heb gepubliceerd, met allerlei formules voor de onderlinge vergelijkbaarheid.

Ik kom daar in een later stadium nog wel een keer op terug, want veel van die calculaties zijn ook interessant voor de optiehandel, al houd ik me niet bezig met de zogenoemde GRIEKEN.

Technische analyse

Na verloop van een paar jaar heb ik de directie eens voorgesteld wat te gaan doen aan technische analyse. Maar helaas was daar geen belangstelling voor. Nu zijn er hele afdelingen bij de brokers. Maar het heeft nooit mijn interesse verloren en ben ik er ook nu, na mijn pensionering, nog volop mee bezig.

Databank

Op een gegeven moment hebben we een abonnement genomen op een databank, maar wel een heel erg grote. We konden de koersen van alle grote beurzen in de wereld sinds 1973, op basis van dagelijks hoog-laag-slot, oproepen en in grafiek zetten. Maar ook de valutakoersen en oneindig veel macro-economische gegevens.

Wij waren de eerste klant van die databank buiten hun thuisland, Engeland en later waren wij de grootste gebruiker. Ik heb daar in de loop van de tijd heel wat grafieken en tabellen mogen maken en in feite mis ik die databank en de mogelijkheid een zo grote variëteit in grafieken en tabellen te maken nog iedere dag.